Bezoek Proefcentrum Hoogstraten

Deze week was ik op bezoek bij Proefcentrum Hoogstraten, waar onderzoek gebeurd voor de aardbeienteelt van de Coöperatie Hoogstraten (beter bekend als de veiling van Hoogstraten).

Reden van mijn bezoek was meer leren over de aardbeiteelt in het algemeen, en ook hoe ze hun experimenten organiseren.

De aardbeien die worden geteeld en verkocht zijn niet biologisch. Dat heeft een impact op de keuze van rassen, teeltwijze, en afzet.

Zo worden veel planten geteeld op substraat, worden ze bespoten met gif en krijgen ze vloeibare bemesting samen met het water.

Omdat ik me mogelijk in de toekomst ga bezighouden met de productie van aardbeien, vond ik het wel interessant om de “andere” kant eens te zien. Dit centrum, en de aangesloten telers, hebben jaren ervaring om van te leren.

Deze post is een kort overzicht van nieuwe dingen die ik heb geleerd.

Soorten

Alle aardbei rassen kunnen worden ingedeeld in junidragers en doordragers.

Junidragers zorgen voor de eerste vruchten van het seizoen en hebben hun productiepiek in juni.

Doordragers komen later op gang maar produceren doorheen het hele seizoen.

Als landbouwer maken productiepieken het een pak lastiger om het werk te organiseren. De productie concentreert zich op een korte periode, wat ook betekent dat je op deze peiken meer arbeid nodig hebt.

Daarom kiezen veel telers voor de doordragers, die het plannen wat makkelijker maakt.

Opkweekstrategieen

Dit is in het kort het laven van een aardbeiplant:

  • Juli tem november: stek wordt plant
  • December tem maart: planten gaan in de frigo
  • Maart: uitplanten in productieomgeving

Zoals gezegd bepaald vooral het ras wanneer de aardbeien worden geproduceerd.

Maar door een plant pas later uit de frigo te halen, kan het seizoen wel wat worden gerokken of verschoven. In dit systeem verminderd de productie van de “oude” planten terwijl de jongere het overnemen.

Rassen selectie

Het proefcentrum voert constant experimenten uit naar de verschillende rassen.

Vermeerderaars stellen bepaalde nieuwe rassen bschikbaar, en het proefcentrum plant deze dan uit. (Dit zijn bedrijven als Fresh forward, East malling en Flevoberry).

Nadien kiest de vermeerderaar zelf wat ze er mee willen doen.

Zaken die belangrijk zijn

  • Kleur/smaak/textuur
  • Hogere productie
  • Resistentie tegen witziekte
  • Aantal vruchttakken, bloemen per tak, natakken, etc.
  • Gelijke produtie van aardbeien met zelfde grootte, en geen misvorming

Dit laatste zorgt voor meer werk bij het sorteren van de vruchten. Vooral tegen het einde van het seizoen komt dit probleem meer voor.

Rassen en marketing

De rondleiding door het Proefcentrum was gecombineerd met een deelname rassenproeven.

Hierbij kon ik 10 verschillenden rassen mee beoordelen op basis van: uitstraling, vorm, kleur, smaak en textuur.

Leuk om eens aan zoiets deel te nemen.

Daarnaast leerde ik nog iets interessants.

In de meeste Belgische groentewinkels en supermarketen vind je volgende bakjes terug:

De branding daarvan is heel consistent: dit zijn aardbeien van Hoogstraten.

Maar de inhoud van deze bakjes heel sterk kan verschillen. Alle aardbeien die via de veiling van Hoogstraten worden verkocht komen buiten in dit soort van bakje.

Maar de smaak, kleur, textuur, grootte, etc kan enorm verschillen. Dat komt omdat er 8 verschillende rassen worden geteeld, teeltwijze sterk verschilt (volle grond vs substraat), etc.

Het is vooral de aankoper die beslist welke aardbeiden er in de rekken komen te liggen, elke volgens hun standaarden. Sommige winkels gaan voor de terwijl andere gewoon de goedkoopste willen.

Als uiteindelijke consument vind ik deze wisselende kwaliteit toch een afknapper. Je koopt een “merk” maar hebt geen garanties.

Bedankt aan Proefcentrum hoogstraten voor de uitnodiging!


Comments

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *